Contact|

De Rougon-Macquart

De verovering van Plassans

De Rougon-Macquart Deel 4

ISBN: 9789085601739
E-ISBN 9789461540485
Meer info & Bestellen

In deel IV van de twintigdelige cyclus van de Rougon-Macquart spelen twee nazaten een belangrijke rol, Marthe van de tak Rougon en François van de tak Macquart. Vele basale kenmerken van de familie komen daardoor tot uitdrukking. Dit gebeurt aan de hand van politiek gekonkel over de legitimisten en de bonapartisten tegen de achtergrond van een schouwtoneel van de Rooms-Katholieke Kerk. Die achtergrond doemt langzamerhand als een voorgrond op en verdwijnt uiteindelijk weer naar de achtergrond. De hoofdfiguur is een priester die aan de touwtjes trekt en tegelijk ook aan het kortste eind.

Uit het nawoord van Martine France Delfos

In deel IV van de twintigdelige cyclus van de Rougon-Macquart spelen twee nazaten een belangrijke rol, Marthe van de tak Rougon en François van de tak Macquart. Vele basale kenmerken van de familie komen daardoor tot uitdrukking, met alle verwikkelingen van dien. De geestelijke onrust van de grootmoeder wordt in de neef en de nicht uitgewerkt als godsdienstwaanzin en gekte. De tuberculose is de omstandigheid die al in de kleine Marthe aanwezig zou zijn geweest en die haar liefdeskoorts versterkt, die haar doet duizelen en haar doet wegkwijnen in een fin-de-siècle-atmosfeer.

De nerveuze crisissen die in Marthe herhaald worden met dezelfde stuiptrekkingen zoals ze bij haar oma Adélaïde plaatsvonden, worden terloops geplaatst in de erfelijkheid, die bij Marthe al een beetje de kop opstak in haar jeugd. Ze is haar leven lang bang geweest voor die gekte die in haar sluimerde. Net zoals in haar oma zijn de nerveuze crisissen losgebarsten door een grote liefde, in Marthes geval voor de priester die in haar huis komt wonen. Onmiskenbaar een priester met zijn van boven tot onder dichtgeknoopte soutane, maar tegelijk een viriliteit uitstralend met zijn bouw, zijn grote handen en zijn vierkante kaak, van een man die eerder politieagent zou kunnen zijn dan priester. Zij probeert nader tot hem te komen, hem te verleiden door zijn geloof te adopteren en hem te adoreren. De priester ervaart haar echter als satan, die de vrouw inzet om de priester ten val te brengen.

Het herinnerde mij aan de nervositeit die ik steeds over het gezicht van mijn wiskundeleraar op de katholieke middelbare school zag glijden wanneer hij, heel regelmatig, controleerde of alle knoopjes van zijn soutane van boven tot onder dicht waren. Ik bedacht toen dat het voor deze leraar heel spannend moest zijn om na jarenlang lesgeven op een jongensschool, plotseling geconfronteerd te worden met de eerste lading meisjes die toegelaten werden.

Lees hier het nawoord inclusief meer informatie over dit deel.

Emile Zola